Elodie Gérard en Stephen Fasano houden van reizen, mode, muziek en design. Hun woning aan de rand van Brussel weerspiegelt die passies tot in de perfectie. Het is een huis uit de jaren 70, met mooie welvingen en doordrenkt van Italiaanse, Japanse en Californische invloeden. Elk meubelstuk, elke kleur en elk voorwerp vertelt iets over hun levensverhaal. We brachten een bezoek aan een zonnig en ultramodern paradijsje dat aanvoelt als een vakantiehuis.
Foto’s Justin Paquay

Voor het bepleisteren van de 780 m² aan muren en plafonds werkten Elodie en Stephen samen met Marie Appart van Revêtement Studio.
I, I follow, I follow you, deep sea, baby, I follow you… Achter deze wereldhit gaat Stephen Fasano schuil, alias The Magician. Deze Belgische dj en producer is uitgegroeid tot een vaste waarde in de internationale electroscene. Van zijn debuut in de bars van Namen tot de grootste festivals, zoals Coachella … Stephen heeft een heel eigen parcours afgelegd. Als tiener draaide hij al, verzamelde hij elpees en werkte hij op de markt om die te kunnen betalen.
‘Wat mij als kind heeft gevormd? De retromuziek waar mijn vader en oom naar luisterden, de italodiscocultuur van de jaren 80 en dan de reizen … De vakanties met het gezin in Zuid-Frankrijk’, vertelt hij. In de auto tekende hij de voorbij glijdende landschappen na. Later reisde hij naar Londen, waar hem een visuele en auditieve shock wachtte. ‘Dr. Martens, Camden Town, New Beat … Ik werd verliefd op de Engelse electro.’ Dankzij die jeugd ontwikkelde hij een uitgesproken gevoel voor sfeer, culturele referenties en schoonheid in al haar vormen. Hij vond zijn zielsverwante in Elodie Gerard, een getalenteerde modefotografe wiens series met supercleane foto’s in glossy tijdschriften verschijnen. Ze ontmoetten elkaar tijdens een fotoshoot voor The Magician. ‘Het klikte meteen tussen ons en al snel waren we onafscheidelijk’, vat Stephen samen. Sindsdien vormen ze een onlosmakelijk stel, zowel in het leven als op het werk. Zij vergezelt hem op de meeste van zijn optredens, hij staat haar graag bij als assistent, chauffeur en soms zelfs als casting agent. ‘We vormen een hecht team.’ Het duo is een goed geoliede machine, zonder poespas. Bij hen vertaalt harmonie zich in de manier waarop ze zich kleden, reizen, gasten ontvangen, hun woning inrichten en hun zoontje Giacomo opvoeden. Dat merk je ook in hun woning. Hun levensstijl balanceert tussen discipline en plezier, tussen subtiele verwijzingen en speelsheid, tussen een voorliefde voor mooie voorwerpen en de weigering om zichzelf al te serieus te nemen.

De grote woonkamer kijkt uit op de tuin en vormt het hart van het huis. De beroemde Togo-zetels van Ligne Roset komen hier perfect tot hun recht. ‘Het lijkt wel alsof de architect deze ruimte speciaal voor de Togo heeft ontworpen.’ Stephen heeft er in de loop van zijn leven meerdere gehad, van fluweel en van leer, in verschillende kleuren. Hier lag de keuze voor cognackleurig leer eigenlijk voor de hand. Het is een warme maar sobere tint die mooi contrasteert met de witte muren en past bij de reissouvenirs die de ruimte her en der opvrolijken. Zo staat er in de schouw een kleine replica uit Japan die doet denken aan de monumentale Tower of the Sun in Osaka. Verderop zien we een asbak uit het hotel Mezzatorre op Ischia, een souvenir uit Carrara, enkele amuletten en kleine decoratieve talismannen.
Terug naar de bron
Hun huis is in 1976 gebouwd door de Brusselse architect Paul Noël. Het ligt verscholen in een doodlopende straat, op slechts enkele minuten van de luchthaven van Zaventem. Voor een koppel dat veel reist, maar toch ook een rustpunt wil, is dit de ideale locatie. ‘We wilden een huis dat door een architect was ontworpen. En verder droomden we van rust en de nabijheid van Brussel’, legt Stephen uit. Bovenal wilden ze de stad uit, maar zonder echt ver weg te gaan. De woning verkeerde destijds in slechte staat. De tuin was overwoekerd, de buitenkant verwaarloosd en de architectuur overschaduwd door smaakloze aanbouwen. ‘We waren weg van de binnenkant, maar buiten was er zoveel te doen … We hadden moeite om ons een beeld te vormen van wat we er van konden maken.’ Toch was het liefde op het eerste gezicht. De ruimtes. De verdiepingen. En vooral die rondingen overal. ‘Geen enkele rechte hoek, behalve bij de trap.’ Die organische zachtheid vormt de basis voor al het andere. Anderhalf jaar lang hebben ze gerenoveerd, gecorrigeerd, verlicht en verfijnd, zonder ooit afbreuk te doen aan het karakter van het huis. De muren en plafonds zijn afgewerkt met een matte minerale coating van Kerakoll. Die hebben we gekozen vanwege zijn haast fluwelige uitstraling. ‘We wilden iets dat zachter aanvoelde dan de oorspronkelijke pleisterlaag.’ In totaal zijn 780 vierkante meter bepleisterd en is gebroken wit de basis geworden voor alles wat zou volgen.
Het huis is verrassend discreet. Vanaf de straat gezien, lijkt het zelfs laag en onopvallend. ‘Wanneer je hier aankomt, heb je er geen idee van wat er zich onder het oppervlak afspeelt.’ Dan opent de ruimte zich en ontvouwt ze zich in verschillende niveaus. Je moet meerdere trappen afdalen naar de keuken. ‘Het voelt soms als mijn dagelijkse workout!’, glimlacht Elodie. ‘Het zijn er zeventien, plus vijf, plus drie.’ 25 treden in totaal. De eetkamer is ongetwijfeld de meest verrassende ruimte. Je voelt je er meteen in een andere wereld. Gasten hebben het over Mykonos, Ibiza, Apulië. Zelf vatten ze het anders samen. ‘We wilden een vakantiehuis waar we ook graag elke dag zouden wonen.’ De zon binnenhalen in een Belgisch huis. Iets van Stephens Italiaanse roots en Elodies Libanese en Sardijnse afkomst. Een vleugje Apulië, zoals in huwelijksfoto’s door Martin Parr. ‘We houden van zijn eigenzinnige en kleurrijke karakter. Onze woning ademt diezelfde sfeer.’
De Rivièra in Brussel
In de keuken komt hun levensstijl het best tot uiting. De Reform-keuken, model Match van Muller Van Severen, houdt het midden tussen Kopenhagen en de Italiaanse Rivièra. De blauwe kleur laat dromen van de zee. Het marmer weerkaatst het licht met subtiele groene schitteringen. Het messing zorgt voor contrast. De inspiratie voor de gekartelde legplanken haalde Stephen uit een magazine en zorgt voor een grafische toets. De tafel en stoelen van Bruno Rey vormen de basis. En dan is er het bijna heilige pronkstuk: de koffiemachine van La Marzocco, ‘de Ferrari van de keuken’. Als een echte verzamelaar koestert hij dit manuele model. ‘Ik zet minstens vier kopjes koffie per dag. Soms vijf.’
‘We wilden een vakantiehuis waar we ook graag elke dag zouden wonen.’ Elodie Gérard
In de slaapkamers geldt hetzelfde principe: zachtheid, samenhang en een vleugje fantasie. Er is veel maatwerk, om de opbergruimtes te verbergen en de vloeiende lijnen niet te doorbreken. ‘In dit soort huizen moet je slimme oplossingen bedenken.’ De fluwelen bedrand, bepaalde inbouwmeubels en de kasten zijn ontworpen met de hulp van het bureau AFC-Collection, dat hen tijdens een groot deel van de renovatie heeft begeleid. De kleuren in de badkamer knipogen naar hun kindertijd, de jaren 70 en het Italië van Visconti: blauw, bruin, oranje… Wat vooral opvalt, is hoe hun manier van leven perfect aansluit bij hun interieur. ‘We zijn gek op design, gastronomie, reizen … En op mode, maar dan wel mode die zichzelf niet al te serieus neemt. Er moet altijd een kleine twist in zitten.’ Ze hebben het over Bottega Veneta, Aimé Leon Dore, Courrèges, ssstein … Stephen houdt van ‘nieuw met een verhaal’, kleding die iets te vertellen heeft: over een tijdperk, een film, een subcultuur. Diezelfde aandacht voor detail zie je ook in hun manier van reizen. Ze kiezen hotels uit vanwege de inrichting, maken lijstjes en verzamelen adressen alsof het platen waren. De naam Los Angeles valt regelmatig, met zijn retrolicht, zijn kleuren, zijn filmische verbeelding. Ze vliegen er regelmatig naartoe voor hun werk. Hij om te componeren, zich terug te trekken, nieuwe ideeën op te doen. Zij voor fotoshoots, haar portfolio en inspiratie. Hij maakt nu weer meer clubmuziek, minder pop. Zij verfijnt haar vrije, scherpe, eigenzinnifotografie, geïnspireerd door Helmut Newton, Guy Bourdin, Juergen Teller en Tony Kelly. Bij de Fasano’s is alles met elkaar verbonden. Muziek roept een kleur op. Een hotel vormt de inspiratie voor een foto. Eigenlijk is dit meer dan een huis, het is de uitdrukking van een manier van leven.
‘We zijn gek op design, reizen … En op mode, maar dan wel mode die zichzelf niet al te serieus neemt.’ Stephen Fasano