In een Vlaamse boerderij uit het begin van de 20e eeuw hebben Charles Leonet en Niels Everaerd, respectievelijk architect-antiekhandelaar en landschapsarchitect, samen een project uitgewerkt waarin architectuur, interieur en landschap evenwaardig met elkaar in dialoog gaan. Het resultaat is een woning die een ecosysteem op zich vormt.

Foto’s Senne Van der Ven & Eefje De Coninck

In Luchteren, op enkele kilometers van Gent, ligt de hoeve van Charles en Niels. De oude boerderij lijkt wel met het landschap te versmelten … Een traditioneel dak, een gevel met karakter, summier bijgewerkte voegen, ramen die hun oorspronkelijke proporties hebben behouden: op het eerste zicht is hier door de jaren heen helemaal niets veranderd. ‘Soms denken mensen zelfs dat het huis nog niet gerenoveerd is. Dat vat ik op als een compliment, want dat is precies het effect dat we wilden bereiken’, glimlacht Niels Everaerd. Voor hem is dit project nauw verbonden met zijn kindertijd, het land en zijn passie voor het Vlaamse landschap. Als boerenzoon is hij immers in deze streek opgegroeid. Vandaag is hij een van de meest vooraanstaande landschapsarchitecten van ons land. Hij is een meester in het verfijnen en verfraaien van dat wat er al is. Die gevoeligheid deelt hij met levenspartner Charles Leonet en Ngoc Hoang, de oprichters van het bureau Leonet Hoang. Zij focussen op architectuur en meubilair, hij legt zich toe op de vormgeving van landschappen. Alle drie volgen ze echter hetzelfde principe. ‘We werken met wat er al is’, vatten ze samen. Met die gedachte in het achterhoofd, hebben ze de hoeve gekocht. ‘Het is een terugkeer naar de bron, maar ook een manier om wat ik als kind heb gekend, te laten voortduren’, legt Niels uit. Vanaf het begin was één ding duidelijk: ze wilden deze bijzondere plek niet in de eerste de beste privéwoning veranderen. ‘Veel boerderijen in de omgeving zijn in de loop der jaren door particulieren opgekocht en hebben hun functie verloren. Wij wilden de onze juist weer een bestemming geven die de gemeenschap ten goede komt.’ Naast het huis ligt een gemeenschappelijke moestuin waar de kinderen van de naburige school graag komen. Iets verderop trekt zijn zelfpluktuin, ‘t Bezenbos, elke zomer bijna duizend bezoekers. ‘Er zijn oma’s die tien kilo fruit komen halen om er confituur van te maken en jonge gezinnen die ontdekken hoe een kruisbes eruit ziet.’ Voor het interieur van de hoeve geldt dezelfde logica: behouden in plaats van alles van nul op te bouwen. ‘We hebben bijvoorbeeld nooit zelfs maar overwogen om de ruimtes open te breken. De keuken blijft de keuken en de eetkamer blijft de eetkamer.’ Met die keuze roeien ze tegen de stroom in, maar het biedt wel de mogelijkheid om verschillende sferen te creëren, met licht te spelen en de dagen een bepaald ritme te geven. ‘Het is een andere manier om met de tijd mee te gaan.’

Icone citation

‘Het is geen stap achteruit. Het is een andere manier om met de tijd mee te gaan.’ Niels Everaerd

Niets gaat verloren

In de keuken vormt een oude gootsteen van terrazzo, een erfstuk van Niels’ grootmoeder, het uitgangspunt voor een verrassend eigentijdse sfeer … Diezelfde filosofie zien we terug in de blauwe kamer, waar ouderwetse smurfenblauwe tegels uiteindelijk hun stempel hebben gedrukt op de rest van het interieur. Hier gaat niets verloren, alles krijgt een nieuwe invulling of rol. Zo zijn de bakstenen van het kookeiland afkomstig van oude bijgebouwen die zijn gesloopt. De deuren zijn allemaal tweedehands gekocht of identiek nagemaakt, inclusief de klinken. ‘Het was een echte schattenjacht om al die authentieke elementen te vinden.’ Charles, architect en antiekhandelaar, koestert al bijna vijftien jaar een passie voor antiek … ‘Veel stukken komen van rommelmarkten, markten of websites voor zoekertjes en tweedehandsmeubels. Om een mooi geheel te creëren, moet je soms elementen van verschillende herkomst bij elkaar brengen en ze vervolgens restaureren zodat ze samen een harmonieus geheel vormen.’ De meubels maken integraal deel uit van het huis. Ze zijn speciaal voor deze plek ontworpen en haast onlosmakelijk met de ruimtes verbonden. ‘Als we het huis ooit van de hand zouden doen, dan zouden we de meubels erbij verkopen!’, legt Charles uit. ‘Elk item is zorgvuldig uitgekozen, bewerkt en opnieuw ingepast in een specifieke context.’

Icone citation

‘We hebben nooit zelfs maar overwogen om de ruimtes open te breken. De keuken blijft de keuken en de eetkamer blijft de eetkamer.’

‘Ik was een kind en wist niet beter …’

Hier staan de borden van Royal Boch opgestapeld in de kasten, wordt de tafel, zo gauw het weer het toelaat, buiten gedekt en veranderen de boeketten op het dressoir met de seizoenen mee. Niels vertelt over bloemen, seringen, kersen, het ritme van de seizoenen … ‘Dat is het mooie aan het leven op het platteland: precies weten wanneer welke bloemen bloeien en welke gewassen worden geoogst en daarvan kunnen profiteren.’ Charles heeft het over weekenden ver weg van de drukte van de stad, over uitgebreide maaltijden met vrienden, over winters bij het haardvuur en zomers in de tuin. ‘We aanvaarden dat alles wat minder perfect is. We leven anders, misschien eenvoudiger.’ Hun flat in Brussel is modern en minimalistisch. Hier is alles meer beladen, levendiger. ‘Hier hebben we een andere band met onze spullen.’ Het huis wordt een terrein om te experimenteren, maar ook een veilige haven. Een plek waar invloeden elkaar kruisen. ‘Dit huis is als het liedje van Wim Sonneveld. ‘Ik was een kind en wist niet beter dan dat het nooit voorbij zou gaan’, vat Charles samen. Ook hij heeft een aantal voorwerpen hierheen verhuisd die verband houden met zijn familiegeschiedenis: schilderijen, antiek glaswerk, een bed dat hij van zijn grootmoeder heeft geërfd, meubels uit zijn geboortestreek …

Landschapskunst

Buiten zijn de ingrepen subtieler: de dakpannen zijn nog dezelfde, de kozijnen zijn in de oorspronkelijke stijl vernieuwd en de gevel heeft bewust zijn patina behouden. De tuin biedt een andere kijk op deze plek. Niels heeft er een verzameling fruitbomen aangelegd met oude of zeldzame soorten. Dit sluit aan bij zijn andere plukproject ‘t Bezenbos, een paar honderd meter verderop. ‘Sommige bessen blijven maar drie weken goed’. Het is een manier om ons weer bewust te maken van de tijd. Een essentiële pedagogische dimensie, nu we met zijn allen de band met de seizoenen, lokale producten en natuurlijke ritmes zijn kwijtgeraakt. Met zijn plukproject en zijn tuinen probeert hij die band te herstellen, zonder al te veel nostalgie, maar met de oprechte hoop om kennis door te geven. Voor hem is de tuin niet alleen mooi om te zien, het is een plek voor productie, biodiversiteit, gebruik en beleving. ‘Het lijkt misschien alsof alles vrij en in het wilde weg groeit, maar alles is hier met zorg ontworpen om een aangename leefomgeving te creëren.’ Paden, doorgangen, schaduwrijke en zonnige plekken vormen samen een idyllische en tegelijk weloverwogen route. ‘Het moet overzichtelijk blijven, er moet een duidelijke lijn zijn, zelfs bij iets dat er natuurlijk uitziet’, benadrukt Niels. ‘In tegenstelling tot wat je misschien denkt, is dit geen verwilderde tuin. Het is een tuin die op een andere manier is aangelegd, volgens de principes van de permacultuur en de biodiversiteit.’